![]()

![]()


![]()
![]()
![]()



1 Definitie
Een 2*D:
heeft enige onderwater ervaring opgedaan.
kan manifeste duikongevallen herkennen en er adequaat op te reageren.
is in staat onder leiding van een ervaren duiker alle recreatieve duiken uit te voeren, hij moet kunnen
functioneren volgens het buddy‐systeem van de CMAS.
kan als duikleider fungeren bij eenvoudige duiken.
2 Deelnemingsvoorwaarden examens en proeven (theorie, zwembad, OW‐proeven en duikleidingen)
Lid zijn van een NELOS‐club.
1*D zijn
Minimum leeftijd: 14 jaar.
Medisch geschikt zijn.
Minderjarige duikers dienen bij hun aansluiting een verklaring te laten ondertekenen door hun ouders.
3 Zwembadproeven
1 Zonder fles
200 m zwemmen gevolgd door 5 minuten watertrappelen of drijven
20 m in apneu
1 maal masker ledigen
30 seconden stilstaande apneu
2 Met fles
Gecombineerde proef
4 maal 10 m tussen 2 flessen
30 m wisselademhaling
Proef met trimvest en 2de ontspanner
3 Openwaterproeven
B1 500 m palmen
B2 Stijging van zone(15) tot aan de oppervlakte
B3 Redding van zone(10) tot aan de oppervlakte 50 m slepen CPR ‐ O2
B4 Stijgen op 2de ontspanner van zone(15) naar de oppervlakte
4 Duikleidingen
Drie elementaire duikleidingen (BL1,2,3)
5 Theorie
6 Vaardigheden
De kandidaat demonstreert de vaardigheden op vaste bodem in zone(7). Dit gebeurt tijdens eender welke duik voor homologatie.
7 Examen
Mondeling of schriftelijk examen.
Theorie examen wordt samengesteld en verbeterd door minstens een 1*I.
Praktijkexamen wordt voorgezeten door minstens een 1*I.
Homologatie na geslaagd te zijn in de theoretische en zwembadproeven, alsook in de openwaterproeven en na een totaal van 15 duiken
gedaan te hebben.
8 Beperkingen
1 Diepte
Onder begeleiding van minstens een 3*D: 30 m
Als duikleider van een andere 2*D: 20 m
2 Duikleider
Een 2*D mag als duikleider functioneren onder de volgende restricties:
Elke duiker moet 18 jaar zijn.
Elke duiker moet tenminste 3 duikleidingen gedaan hebben.
Er is ten hoogste 1 mededuiker.
Het mag geen bijzondere duik betreffen (zoals omschreven in het veiligheidsreglement hoofdstuk Bijzondere duiken)
De duikplaats moet hem/haar bekend zijn
Bij een duik met beperkte zichtbaarheid en/of stroming (Zeeland en steengroeven) moet een instructeur ter plekke zijn goedkeuring geven.
Het mag geen decompressieduik zijn.